ovendessert met gierst, gedroogde abrikozen en walnoten

Het idee voor dit dessert kreeg ik van een recept uit een erg leuk Turks kookboek met de titel "Turkse Eettafel". Dit is geen trendy kookboek met prachtige foto's die je beloftes doen van een mooier leven. Nee, het is een simpel kookboek met gerechten uit alle windstreken van Turkije. Met manieren van bereiden die je kijk op koken best wel kunnen veranderen. Veel gerechten zijn simpel van opzet maar soms kom je een recept tegen waarvan je denkt: hee, zo kan het ook...
Ik heb het basisrecept van dit zoete nagerecht behoorlijk veranderd. Zo is de griesmeel vervangen door gierst en is de suikerstroop die er overheen gaat weggelaten.  Abrikozen en walnoten zijn toevoegingen die het gerecht extra smaak geven. Is het eenmaal afgekoeld dan kun je er makkelijk stukken uit snijden.

voor 8-10 porties

200 gr gierst
500 ml water
zout

125 gr gedroogde abrikozen
100 gr suiker
26 gr boter + een klontje om in te vetten.
3 eieren
1 1/2 el citroensap
1 el citroenrasp
50 gr walnoten


Rooster de gierst 1 of 2 minuten op middelhoog vuur onder voortdurend roeren, totdat er een nootachtige geur vrijkomt en de eerste zaadjes gaan springen of beginnen te verkleuren. Vul de pan met water uit de kraan en leeg hem in een zeef. Doe de gierst terug in de pan en zet deze op met het water en wat zout. Breng het aan de kook en verplaats de pan naar een voorverwarmd sudderplaatje op het kleinste pitje. Laat het 20 minuten sudderen; na deze tijd moet al het water door de gierst opgenomen zijn. Check na een minuut of 17 of de gierst niet aanzet, voeg in dat geval nog een scheutje water toe en roer even voorzichtig over de bodem. Zet het vuur na 20 minuten uit en laat de gierst nog 10 minuten nagaren met het deksel op de pan.
Meng 25 gr boter en de helft van de suiker door de gierst. Het is nu een compacte brij die later zonder al teveel moeite weer wat losser te krijgen is. Laat de gierst helemaal afkoelen.
Verwarm de oven voor op 180 graden.
Snij de abrikozen in vieren en overgiet ze in een kom met ruim kokend water. Laat een tijdje staan, zo worden ze wat zachter.
Klop de eieren los met de andere helft van de suiker, het citroensap en de citroenrasp. Hak de walnoten in kleine stukjes.
Maak de afgekoelde gierst ruller met behulp van een vork: prakken en het wordt losser. Je krijgt het niet zo heel erg korrelig want het blijft door de suiker en de boter nog een beetje plakkerig, maar dat is o.k. Laat de abrikozen uitlekken in een zeef. Meng de gierst zorgvuldig door de eieren en voeg ook de abrikozen toe.
Vet een ovenschaal in met een klontje boter en schep het gierstmengsel in de schaal. Strijk de bovenkant glad en bestrooi het geheel met de walnoten.
Plaats de schaal in het midden van de oven gedurende 35-40 minuten Het dessert is klaar wanneer de bovenkant stevig is. Dek de schaal af met aluminiumfolie wanneer de walnoten te bruin dreigen te worden.