gekruide gierstpuree met linzen en kokos

In deze puree zitten kerrieblaadjes, te verkrijgen bij een toko. Ben je een pietje precies, dan haal je de blaadjes uit deze puree voordat je hem op tafel zet; ikzelf laat het aan mijn mede-eters over. Mede-eters, dat woord doet me denken aan die keer dat Cephas zou komen eten aan wie ik vroeg: "Wat voor een soort eter ben jij? Zijn er dingen die je niet lust?" Waarop hij na een lange pauze bedachtzaam antwoordde: "Ik ben een mee√ęter...".

voor 4 personen

200 gr gierst
200 gr oranje linzen
700 ml water
1/2 tl zout
7 kerrieblaadjes (gedroogd)
2 cm santen
3/4 tl komijnzaad
3/4 tl korianderzaad
3/4 tl mosterdzaad
3/4 tl anijszaad
1/2 tl gemalen kaneel
3/4 tl koenjit


Spoel de linzen af in een zeef onder de kraan totdat het water helder is. Voeg de gierst toe en spoel deze ook even mee. Zet de linzen op met de gierst, het water, het zout en de kerrieblaadjes. Breng alles aan de kook en verplaats de pan naar een voorverwarmd sudderplaatje op je laagste pitje. Schuim de linzen eventueel nog een keertje af met een schuimspaan. Laat het 20 minuten sudderen. Hou na een minuut of 17 in de gaten of het niet aan gaat zetten: voeg in dat geval een scheutje water toe en roer even voorzichtig over de bodem. Snij in de tussentijd de santen in zo klein mogelijke stukjes en houd deze apart.
Stamp het komijnzaad samen met het korianderzaad, mosterdzaad en anijszaad in een vijzel ook tot kleine stukjes. Rooster de kruiden in een droge koekenpan op een laag vuurtje een of twee minuten, totdat ze sterker gaan ruiken. Haal de pan van het vuur en meng er de kaneel en de koenjit doorheen. Houd het apart.
Roer, wanneer de linzen en de gierst 20 minuten gekookt hebben, de santen en de kruiden erdoor. Maak het geheel op smaak met peper en, indien nodig, nog wat zout. Zet de pan terug op het sudderplaatje maar draai het vuur eronder uit. Laat het nog 10 minuten staan.